Ik ben verantwoordelijk voor mijn leven en voor mijn geluk
een bijdrage van Joost Vanhove, die al eerder op ons congres sprak:
‘Ik ben verantwoordelijk voor mijn leven en voor mijn geluk,
anderen zijn verantwoordelijk voor hun leven en voor hun geluk.’
Wanneer jij actief bezig bent met zelfontplooiing en bewustwording (via lectuur, individuele coaching, cursussen…) dan heb je meer dan 80 % kans dat je bij de groep hoort die de neiging heeft om verantwoordelijkheden van anderen over te nemen, die eigenlijk niet van jou zijn. Dit brengt in veel gevallen heel wat stress, onnodig schuldgevoel en een wankel zelfbeeld met zich mee.
Door een eenvoudige techniek, ontwikkeld in centrum GEA, die we in dit artikel uitleggen, kom je erachter op welke gebieden jij ook de neiging hebt om de eindverantwoordelijkheid ten opzichte van anderen (volledig of gedeeltelijk) op jou te nemen, welke gevolgen dat gehad heeft voor jou en hoe je die eindverantwoordelijkheid voor het geluk van anderen aan hen kan ‘teruggeven’.
Het teruggeven van de eindverantwoordelijkheid aan anderen
Na wat aarzelen hebben we besloten om dit delicaat thema dan toch te behandelen in deze nieuwsbrief. Na meer dan 25 jaar ervaring in het begeleiden van anderen en in het geven van opleidingen en cursussen, is het voor ons immers overduidelijk dat velen te kampen hebben met een of andere vorm van over-verantwoordelijkheid. Let wel: het gaat vooral over diegenen, waar jij misschien ook bij hoort, die bewust en actief aan zelfontplooiing doen. Het is namelijk gebleken dat ruim 80 % van hen de neiging heeft om over-verantwoordelijk te zijn.
Er is uiteraard ook een andere groep, die maar al te graag de eigen verantwoordelijkheden probeert te ontlopen of in de schoenen van anderen wil schuiven. Voor die personen is het aan de orde om de eindverantwoordelijkheid voor hun leven volledig op te nemen en om de praktische verantwoordelijkheden, die ze naar anderen toe hebben opgenomen, zoals bij het opvoeden van kinderen, het verzorgen van behoeftige ouders,…ook ten volle op te nemen. Maar dat is een ander verhaal…
Dus, voor alle duidelijkheid, er is niets verkeerd aan om anderen te helpen, integendeel. Alle ouders die hun hart op de juiste plaats hebben, zullen er alles aan doen om hun kinderen te begeleiden en te ondersteunen. Het punt is dat het een verstikkend gevoel geeft, wanneer je bijvoorbeeld als ouder er van uitgaat, dat jij de eindverantwoordelijkheid draagt voor het geluk van je kinderen. Dat gevoel werkt als een beklemmend keurslijf, waardoor je als ouder soms de verkeerde maatregelen neemt om je kind te helpen en waardoor je een loodzwaar schuldgevoel blijft meeslepen.
In GEA gaan ervan uit dat iedereen onbewust belangrijke levenslessen heeft opgenomen om in de loop van dit leven te leren. Door jouw steun en liefde kan je als ouder je kinderen enorm helpen, om gemakkelijker door bepaalde moeilijke periodes heen te komen. Maar je kan die lessen en levensthema’s, die in het levensplan van je kind staan, op zich niet veranderen.
Door de wettelijke bepalingen in de westerse samenleving, waarin de ouders formeel verantwoordelijk gesteld worden voor hun kinderen, zolang deze minderjarig zijn, is voor velen de verwarring ontstaan dat ze ook de eindverantwoordelijkheid dragen voor alles wat hen overkomt en voor hun geluk.
Overgangsritueel
In de meeste culturen speelde vroeger het overgangsritueel een cruciale rol, om aan te geven wanneer het kind opgenomen werd in de wereld van de volwassenen. Vanaf dat moment neemt het kind ook de verantwoordelijkheid op om zijn/haar leven zelf praktisch te regelen. In de schamele overblijfselen van deze overgansriten, onder vorm van het communie- of lentefeest, die sowieso veel te vroeg vallen, wordt deze verantwoordelijkheid niet meer formeel overgedragen aan het kind, hetgeen de verwarring tussen praktische verantwoordelijkheid en eindverantwoordelijkheid alleen maar groter maakt.
In welke relaties kan dit thema een rol spelen?
Deze dynamiek (van het overnemen van de eindverantwoordelijkheid voor het geluk van anderen) kan meespelen in de volgende contexten:
ten opzichte van de andere persoon in een partnerrelatie,
ten opzichte van minderjarige kinderen,
ten opzichte van volwassen kinderen,
ten opzichte van ouders (zeker indien de ouders hulpbehoevend zijn).
Een gelijkaardige dynamiek is in veel gevallen ook aan de orde:
ten opzichte van collega’ s, werkgever, klanten, leerlingen…,
ten opzichte van vrienden en familieleden,
ten opzichte van collectieve problemen en wantoestanden in de wereld (op vlak
van ecologie, economie, politiek, enz.)
Hoe kan je weten of jij de eindverantwoordelijkheid voor iemands geluk (volledig of gedeeltelijk) hebt overgenomen?
Telkens wanneer je aan iemand denkt, voor wie je een bepaald engagement genomen hebt, en je voorstelt dat die persoon, ondanks de steun en hulp die je aan hem of haar geeft, zich niet goed voelt of niet gelukkig is. Wanneer je dan een of andere vorm van schuldgevoel hebt, heb je een deel van de eindverantwoordelijkheid voor het geluk van die persoon overgenomen.
Oefening om de eindverantwoordelijkheid voor het geluk van anderen aan hen terug te geven.
Ga even met de aandacht naar binnen en laat een persoon opkomen waarvoor jij de eindverantwoordelijkheid opgenomen hebt.
Stel je voor hoe de eindverantwoordelijkheid voor het geluk van die persoon, die jij van hem of haar hebt overgenomen, er zou kunnen uitzien. Je kan daarbij aan je onderbewuste de volgende vragen stellen:
Op welke plaats(en) in mijn lichaam of in mijn energieveld zou de energie van die eindverantwoordelijkheid kunnen zitten?
Welke kleur zou dat kunnen hebben?
Welke vorm zou dat kunnen hebben?
Je kan vragen aan je onderbewuste om de energie van deze eindverantwoordelijkheid voor je geestesoog te laten verschijnen in de vorm van een beeld of van een symbool.
Je kan ook een kussen nemen, en je voorstellen dat alle eindeverantwoordelijkheid voor die andere persoon zich verzamelt in dat kussen.
Stel je dan voor dat die andere persoon, van wie jij de eindverantwoordelijkheid op jou genomen hebt, vóór jou verschijnt. Laat het beeld, het symbool of het kussen, dat die eindverantwoordelijkheid voorstelt, in je handen komen en geef het in gedachten terug aan die andere persoon, terwijl je de volgende boodschap luidop uitspreekt en richt aan die andere persoon:
‘Hiermee geef ik aan jou de eindverantwoordelijkheid voor jou leven, die ik van jou had overgenomen, terug.
Ik ben verantwoordelijk voor mijn leven en voor mijn geluk,
jij bent verantwoordelijk voor jouw leven en voor jouw geluk.’
Extra oefening, specifiek naar ouders toe
( of naar opvoeders of personen die vroeger ten opzichte van jou in de ouder-rol zaten).
(wanneer je een vermoeden hebt dat een van je ouders nog steeds het gevoel heeft dat hij/zij de eindverantwoordelijkheid heeft voor jouw leven en geluk en jou nog altijd wil blijven sturen, ook al ben je intussen volwassen.
Laat de persoon (vader, moeder, opvoeder,…) in gedachte vóór jou verschijnen en spreek hem/haar luidop toe met de volgende woorden:
‘Ik ben nu volwassen.
Jouw rol als verzorgende en opvoedende ouder is nu voorbij.
Vanaf nu heb ik met jou een relatie tussen twee gelijkwaardige volwassenen.
Ik nodig je uit om de eindverantwoordelijkheid voor mijn leven volledig terug te geven aan mij.
Dank je wel.’
Bron: Centrum GEA vzw, Rekegemstraat 32 9630 Munkzwalm 055 23 22 62
www.centrumgea.be info@centrumgea.be
Joost Vanhove, die al eerder op ons congres sprak, zegt over deze bijdrage:
Dit is een van mijn geliefde onderwerpen, waar ik ook op verplaatsing lezingen, (mini)workshops of dagworkshops over geef. Dikwijls verbind ik er dan nog een ander luik aan: als therapeut/begeleider voor de cliënt duidelijk het verschil (helpen) maken tussen enerzijds de verwerking van een moeilijke/traumatische gebeurtenis waar ook anderen bij betrokken waren en anderzijds het nemen van maatschappelijke en eventueel strafrechtelijke maatregelen tegenover daders. In nogal wat persberichten wordt de laatste jaren -totaal verkeerdelijk- gesuggereerd dat de verwerking van een pijnlijke gebeurtenis waarbij derden bij betrokken waren ( incest, slagen en verwondingen,...) afhangt van het al dan niet vinden van de dader(s) en van wat er met de daders gebeurt.